SHH
Blijf ons volgen, hier en op facebook met actuele informatie over huren en de belangen van huurders !

De PvdA in de Tweede Kamer wil dat minister Stef Blok (Wonen) in actie komt tegen salarisverhogingen voor directeuren van woningcorporaties in Limburg. Kamerlid Jacques Monasch roept Blok daartoe op in Kamervragen.

altFoto:  ANP

Volgens De Limburger en het Limburgs Dagblad zijn de salarissen van corporatiedirecteuren vorig jaar opnieuw fors gestegen. Minstens vijf van hen zaten in 2012 boven de balkenendenorm.

Monasch noemt de verhogingen in de sociale woningbouwsector ''onacceptabel''. De corporaties geven daarmee ''het verkeerde signaal aan de maatschappij'' af. ANP 04.10.2013

Het kabinet spreekt tegen dat meer huurders van sociale woningen onder de armoedegrens komen door de eenmalige huurverhoging van 1 juli.
alt

Dat blijkt uit antwoorden van staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Jetta Klijnsma (PvdA) op Kamervragen van SP'er Paul Ulenbelt.

De SP had de vragen gesteld naar aanleiding van een onderzoek van de Woonbond. Die stelde vorige maand dat het aantal sociale huurders onder de armoedegrens zal stijgen.

Het gaat nu nog om 28 procent, in 2017 zou het om 35 procent van de huurders gaan. Volgens de Woonbond is dit het gevolg van hogere huren en stijgende energieprijzen.

Verkopen

 

Klijnsma deelt de analyse van de Woonbond niet. Sociale verhuurders hoeven de verhuurdersheffing niet per se door te berekenen in de huren, stelt de staatssecretaris. Zij kunnen de heffing ook opbrengen door bijvoorbeeld woningen te verkopen.

Daarmee is volgens de staatssecretaris geen directe relatie tussen de verhuurdersheffing en de bestedingsruimte van huishoudens met een laag inkomen.

Bovendien worden de effecten van eventuele huurverhogingen voor de laagste inkomens beperkt door de huurtoeslag, zegt Klijnsma verder.

Uit de brief die minister voor Wonen Stef Blok (VVD) daarover stuurde in februari, blijkt volgens haar dat het inkomenseffect van de verhogingen voor 90 procent van de huurtoeslagontvangers kleiner is dan -0,1 procent op jaarbasis.

Door: Novum           24.09.2013

De ministerraad heeft er op voorstel van minister Blok voor Wonen en Rijksdienst mee ingestemd om de WOZ-waarde bij de bepaling van de maximale huurprijs een prominente plek te geven. De in het Woonakkoord afgesproken aanpassing van het Woningwaarderingsstelsel (WWS) leidt tot een eenvoudiger stelsel waarin de woonkwaliteit en de locatie beter tot uitdrukking komen in de maximale huurprijs. Dat draagt bij aan een beter functionerende woningmarkt.

Balkons van nieuwbouwwoningen in aanbouw.

In het huidige WWS worden oppervlakte en voorzieningen (keuken, sanitair, energieprestatie) gewaardeerd met punten die opgeteld een maximale huurprijs opleveren. De gewildheid en locatie van de woning komen in het huidige puntenstelsel minder goed tot uitdrukking.

Het kabinet wil nu in het WWS de categorieën woonomgeving en woonvorm (eengezinswoning, flat) waarderen op basis van de WOZ-waarde. Met behoud van de verdiencapaciteit voor verhuurders, een voorwaarde uit het Woonakkoord, vervallen met de herziening de zogeheten schaarstepunten in de tien regio’s waar de woningmarkt het meest gespannen is.

De voorgetelde aanpassingen leiden ertoe dat afhankelijk van de WOZ-waarde de maximale huurprijs kan variëren. Een stijging hoeft voor zittende huurders geen gevolgen te hebben omdat de feitelijke huurprijs vaak onder de maximale huurprijs ligt. Bovendien mag de huur niet verder stijgen dan met het jaarlijks vastgestelde wettelijke percentage. Andersom kan een huurder om een huurverlaging vragen als de maximale huurprijs onder het niveau van de feitelijke huurprijs komt.

Het kabinet streeft ernaar het nieuwe Woningwaarderingsstelsel per 1 juli 2014 in te voeren. De wijzigingen gelden vooralsnog alleen voor zelfstandige woonruimtes. Bron; Rijksoverheid 13.09.2013

ASSEN - Er zijn grote verschillen in de doelmatigheid van woningcorporaties. Dat blijkt uit onderzoek van COELO, een onderzoeksinstituut van de Rijksuniversiteit Groningen. Volgens het onderzoek kunnen corporaties hun bedrijfslasten met ongeveer 20 procent verlagen.

Woningcorporaties verkeren in zwaar weer. De sector is in een kwaad daglicht komen te staan door een aantal incidenten. Minister Blok wil dat corporaties hun bedrijfslasten verlagen.

COELO deed dit onderzoek samen met Rik Koolma Onderzoek & Advies

RTV Drenthe 12.03.2013
Verhuurders die hun huurders per 1 juli extra huurverhogingspercentages hebben gevraagd zonder zich daarbij aan de Overlegwet te houden, kunnen worden gedwongen de huurverhoging terug te draaien. Dat blijkt uit recente vonnissen van zowel de rechter als de Huurcommissie.

Zowel de rechter als de huurcommissie heeft verhuurders die weigerden met hun huurdersorganisatie te overleggen over de extra huurverhogingen per 1 juli in het ongelijk gesteld. Woonbonddirecteur Ronald Paping spreekt van een mooi succes. ‘Het is goed dat deze verhuurders zijn afgestraft. Hopelijk dat ze hiervan leren!'

Verhuurders die ervoor kiezen een inkomensafhankelijke huurverhoging te vragen, kiezen voor een beleidswijziging. De Overlegwet schrijft voor dat de huurdersorganisatie daarover op zijn minst schriftelijk moet worden geïnformeerd. En als een huurdersorganisatie vervolgens om overleg vraagt, is de verhuurder verplicht daaraan tegemoet te komen. Doet hij dat niet, dan kan de huurdersorganisatie een zaak aanspannen bij de rechter of de huurcommissie om het nieuwe beleid te laten opschorten tot het overleg wel heeft plaatsgevonden.

Bewonerscommissie Parkflat uit Weert stapte naar de rechter voor een oordeel over het door verhuurder ASR afwijzen van overleg over de extra huurverhoging(en). Drie andere huurdersorganisaties stapten naar huurcommissie. In alle gevallen werd geoordeeld dat het kunnen kiezen voor extra, al dan niet inkomensafhankelijke, huurverhogingspercentages moet worden beschouwd als een beleidswijziging en dat de verhuurder daarover met de huurdersorganisatie moet overleggen. Wijst de verhuurder een verzoek daartoe af, dan is er sprake van ‘een schending door de verhuurder van een verplichting die voortvloeit uit de WOHV waardoor de huurdersorganisatie is benadeeld.

De verhuurders waarover de huurcommissie zich heeft uitgesproken zijn de woningcorporaties Arcade en Portaal en de institutionele belegger Vesteda. Deze verhuurders meenden dat ze de uitvoering van het rijksbeleid - en daarmee hun eigen beleid - continueerden en dat daarom het overleg en advies kon worden overgeslagen, wat dus een misvatting is. De huurcommissie bepaalde dat het beleid van Vesteda wordt opgeschort tot het verzuim is hersteld, terwijl dat van Arcade pas later mag ingaan met (opnieuw) inachtneming van de wettelijke termijnen, bijvoorbeeld voor het aanzeggen van de huurverhoging. Ook bij Portaal kan de huurverhoging pas in augustus ingaan.

Het nieuwe huurbeleid

Dit jaar mochten verhuurders hun huurders per 1 juli zowel met een huurverhoging van meer dan de inflatie confronteren met een extra inkomensafhankelijke percentages van 0,5% en 2,5%. Legio verhuurders hebben van die mogelijkheid gebruik gemaakt zonder het advies van hun huurdersorganisatie daarover te vragen, of hen zelf maar te informeren over de op handen zijnde beleidswijziging. Woonbond 29.08.2013